Orv komt niet tot stand: fout van inkoopcombinatie?

LEVEN – In 2007 verzorgt de adviseur de oversluiting van een hypothecaire geldlening. Via tussenkomst van een inkoopcombinatie vraagt de adviseur ook een overlijdensrisicoverzekering aan. Hiervoor wordt een voorlopige dekking afgegeven. In 2014 overlijdt de partner van de consument. Op dat moment blijkt er geen overlijdensrisicoverzekering te zijn afgesloten. De geschillencommissie stelt eerst vast dat “van een adviseur verwacht had mogen worden dat hij het aanvraagtraject van de verzekering zou bewaken. Dat hij dit heeft uitbesteed aan een inkoopcombinatie dient voor zijn rekening en risico te blijven.”

De adviseur stelt dat de overleden partner telefonisch zou hebben doorgegeven af te zien van de overlijdensdekking. Hiervan is echter geen bewijs. De geschillencommissie reageert op deze stelling als volgt: “Nu het om een dermate belangrijke beslissing als het afzien van een overlijdensrisicoverzekering ging, had van hem ten minste verwacht mogen worden dat hij de consument per brief zou wijzen op de hiermee gepaard gaande risico’s. Nu de adviseur dit alles heeft nagelaten is de Commissie van oordeel dat de adviseur niet heeft gehandeld als van een redelijk handelend en redelijk bekwaam adviseur had mogen worden verwacht.”

Maar ook de consument valt in deze een verwijt te maken. De geschillencommissie: “Zo hebben zij en haar partner nimmer een polis ontvangen, werd geen premie geïncasseerd en hebben zij jaarlijks geen overzichten van de waarde van de overlijdensriscoverzekering ontvangen. Dit weegt naar het oordeel van de commissie niet zo zwaar als het handelen van adviseur. De commissie stelt naar redelijkheid vast dat de adviseur 70 procent en de consument 30 procent van de geleden schade zal moeten dragen. De adviseur wordt vervolgens veroordeeld tot een schadevergoeding van € 97.720

Reactie toevoegen

 
Lees meer over
Schending zorgplicht kost BinckBank half miljoen euro

Schending zorgplicht kost BinckBank half miljoen euro

BinckBank is deels verantwoordelijk voor het vermogensbeheer aan een klant door een vermogensbeheerder zonder vergunning en moet de klant 500.000 euro vergoeden...

Adviseur boet voor verzwijgen provisie

Adviseur boet voor verzwijgen provisie

Uit VVP 1, 2018: Leren van Kifid-uitspraken Leven In 2006 heeft de klant een pensioenverzekering afgesloten. De adviseur heeft hiervoor destijds een offerte...

Bewaartermijn in lijn met wet: 7 jaar

Bewaartermijn in lijn met wet: 7 jaar

Leren van KIFID-uitspraken: HYPOTHEKEN. Uit VVP 1, februari 2018 In deze uitspraak gaat het om een klacht die in 2017 bij de geschillencommissie wordt ingediend...

Bewaartermijn in lijn met wet: 7 jaar

Bewaartermijn in lijn met wet: 7 jaar

HYPOTHEKEN - In deze uitspraak gaat het om een klacht die in 2017 bij de geschillencommissie wordt ingediend over een advies dat in 2007 door de adviseur is gegeven....

Goudbaren behoren tot inboedel

Goudbaren behoren tot inboedel

SCHADE - Bij de consument wordt voor 45.000 euro aan goudbaren gestolen. De schadebehandelaar van de verzekeraar geeft per e-mail aan dat goudbaren als inboedel...

Consument heeft recht op tussentijdse informatie

Consument heeft recht op tussentijdse informatie

HYPOTHEKEN - In deze uitspraak formuleert de geschillencommissie de algemene norm, dat een financieel adviseur de consument tijdens de financieringsaanvraag adequaat...